Ze begint op achtjarige leeftijd met basketbal bij Grasshoppers, werkt zich op door de Nederlandse competitie en maakt uiteindelijk de overstap naar Miles Community College in Montana. Pien Draisma combineert studeren en basketballen in Amerika en vertelt over cultuurverschillen, persoonlijke groei en haar ambities voor de toekomst.
Besmet met het basketbalvirus
Het begint met een simpele liefde voor rennen. Als achtjarig meisje trekt de snelheid van basketbal Pien meteen aan. “Ik was als kind gek op rennen, dus dat het spel constant op hoge snelheid wordt gespeeld trok mij aan,” zegt ze. “Alle kinderen waren ook erg competitief, dus het enthousiasme lag hoog.”
Het keerpunt komt als ze twaalf of dertien jaar oud is. Ze wordt gedegradeerd, maar reageert precies andersom dan verwacht: ze maakt enorme stappen. “Vanaf toen werd ik meer opgemerkt door coaches op de vereniging. Het begon toen te knagen dat ik het graag ver wilde schoppen met deze sport.”
De prestatie die haar het meeste bijblijft, is het Nederlands kampioenschap 3×3 basketbal. In een team met vriendinnen van andere verenigingen verslaan ze in de finale een groep speelsters die ook voor het Nederlands team uitkomen. “Die winst was zo belangrijk voor mij omdat het een goed voorbeeld was dat je niet per se in de hoogste teams hoeft te spelen om een goede speelster te zijn.”
De drive om continu te verbeteren, zit er van jongs af aan in. “Ik heb mijn ouders altijd hard zien werken, dus ik leg altijd de druk op mezelf om dingen goed te doen en hen trots te maken,” vertelt ze. “Ik vind het ook belangrijk om te blijven verbeteren zodat ik met mijn team kan groeien.”
De stap naar Amerika
De weg naar Amerika loopt niet rechtstreeks. Na de middelbare school begint Pien met de pabo, maar merkt al snel dat ze nog meer zelfvertrouwen nodig heeft om een klas te begeleiden. Ze werkt veel, wordt assistent-coach bij haar vereniging en dan kruist KingsTalent haar pad. “Ik vond het een erg goede mogelijkheid om te groeien als persoon en met basketbal. Ik wilde de ervaring aannemen om mezelf uit te dagen en veel te leren.”
Twijfels zijn er ook. “Ik vond het heel spannend en twijfelde vaak of ik het wel moest doen,” geeft ze eerlijk toe. Wat uiteindelijk de doorslag geeft, is de support van haar familie en videogesprekken met de coach en medewerkers van de school. “Dat gaf een veilig en goed gevoel.”
De reacties zijn dubbel: iedereen is blij voor haar, maar ook verdrietig dat ze zo lang weg is. “Mijn familie was vooral erg nerveus, maar ze helpen mij goed bij de voorbereiding van mijn vertrek. De steun waardeer ik enorm.”
Student-athlete in Montana
Het leven in Montana heeft zo zijn eigen ritme. Een gemiddelde dag tijdens het basketbalseizoen is druk: lessen van negen tot twee, soms werken in de kantine, krachtraining, basketbaltraining en twee of drie wedstrijden per week. “Alle vrije tijd die ik had, stopte ik in huiswerk maken. Ik keek dan ook erg uit naar in mijn bed ploffen aan het einde van de dag.”
Maar er zijn ook cultuurshockmomenten. Zo zegt iedereen in Nederland ‘hoe gaat het met je’ als ze dat ook echt meent, terwijl Amerikanen dat als een gewone begroeting in de gang gebruiken. “Voor dat soort kleine dagelijkse dingen had ik soms even de tijd nodig om te snappen wat mensen bedoelen.”
Het mooiste aan het Amerikaanse student-athlete leven is de sfeer. “Hoe je school helemaal met je sport meeleeft, vind ik het leukste. Je medestudenten en docenten praten vaak na over wedstrijden en iedereen support elkaar. Die sfeer motiveert heel erg om elke dag hard te trainen.”
Buiten school en sport is Montana simpel, maar precies genoeg. “Mensen zijn meer één met de natuur, en dat was fijn om te ervaren. Het voelde fijn om even wat stapjes terug te kunnen doen en van kleine dingen te kunnen genieten.”
Nederlands vs. Amerikaans basketbal
De verschillen tussen basketbal in Nederland en Amerika zijn opvallend. In Amerika wordt de sport als een show gezien: het publiek is nadrukkelijker aanwezig en spelers zijn interactiever met de toeschouwers. “Ik denk wel dat het spel in Nederland minder egoïstisch is. De bal wordt meer gedeeld en er wordt slimmer gespeeld.”
Wat betreft tempo en intensiteit heeft Pien ook een duidelijk beeld: “Het tempo in Nederland vind ik sneller. Hier focussen mensen erg op spelletjes opzetten en lijnen lopen, en teams scouten echt elke speler.” In Amerika ligt er meer nadruk op schietoefeningen, terwijl in Nederland fast-break situaties en snelheid centraal staan.
Haar grootste persoonlijke ontwikkeling zit in het reguleren van haar emoties op het veld. “Ik liet dingen waar ik geen controle over heb vaak te veel invloed hebben op mij. Ik heb geleerd hoe ik mijzelf kan herpakken en mijn focus op mijn team kan leggen.” Het werken aan een ‘next-play mentality’ helpt haar om positiever te blijven, ook als het even tegenzit.
Terug naar huis, met nieuwe bagage
De plannen voor de toekomst zijn duidelijk: terug naar Grasshoppers, op hoog niveau spelen en haar ervaringen delen met de jongere spelers. “Ik vind het belangrijk om met de jongere meiden mijn ervaringen te delen en dat ze daar wellicht wat van kunnen leren.”
Professioneel spelen? Pien sluit het niet uit, maar zet er ook niet alles op in. “Ik wil zo ver mogelijk komen met mijn team. Als er wat op mijn pad komt, zou dat heel gaaf zijn, maar voor nu wil ik vooral het plezier blijven ervaren dat basketbal mij geeft.”
Het avontuur in Amerika leert haar bovendien veel over zichzelf. “Ik heb geleerd dat je onderbuikgevoel vaak gelijk heeft, en dat ik daar vaker naar moet luisteren. En het is ook belangrijk om achteraf te evalueren hoe je gehandeld hebt, zodat je ervan kan leren.”
Haar boodschap aan sporters die dezelfde stap overwegen, is helder: “Als je zo’n ervaring kan meemaken, pak die kans met beide handen aan! Je hebt na afloop prachtige herinneringen die je nooit meer vergeet, en je leert heel veel over jezelf. Plezier maakt alles beter, focus daar vooral op en niet teveel op prestaties.”